Van papierwerk tot digitale dossiers. Van kleine teams tot gespecialiseerde diensten. Van een eerste werkdag zonder introductiemomenten tot warme onboardingtrajecten. De zorgsector veranderde enorm de voorbije decennia. Toch blijft één ding overeind: mensen maken het verschil.
We spraken 2 collega’s die elk aan een ander beginpunt van hun carrière staan.
Tibby startte onlangs als Deskundige administratie in de Apotheek van het Operatiekwartier. Hilde gaat binnenkort na 42 jaar (en als medewerker met – momenteel – het meeste aantal dienstjaren) als ergotherapeut met pensioen.
Hun verhalen tonen hoe de zorg evolueerde, maar ook wat altijd hetzelfde bleef.
“Ik wilde vooral opnieuw rust vinden”
Voor Tibby begon het verhaal niet meteen in de zorgsector. Ze werkte jarenlang als laborant en later als labomanager in Gent.
“Het pendelen begon zwaar door te wegen. Ik verloor 3 uur per dag aan fiets, trein, fiets. Daarom begon ik uit te kijken naar een administratieve functie dichter bij huis.”
Toch was het niet zomaar eender welke job die haar aansprak. “Ik zocht bewust een stabiele organisatie waar medewerkers goed begeleid worden. In mijn vorige job werkte ik in een start-upomgeving. Heel leerrijk, maar ook intens. Als ik veranderde, wilde ik ergens terechtkomen waar alles goed georganiseerd is.”
Tijdens haar eerste sollicitatie voelde ze het meteen. “Het klinkt misschien vreemd voor een ziekenhuis, maar ik voelde hier veel rust. Dat viel me direct op.”
Een eerste werkdag: vroeger en nu
Vandaag krijgen nieuwe medewerkers een onthaalmoment, introductiedagen en opvolging tijdens hun eerste weken. Voor Tibby maakte dat een groot verschil.
“Je bent niet alleen nieuw. Je leert meteen andere starters kennen. Ook het feit dat achteraf nog opgevolgd wordt hoe het gaat, geeft een gerust gevoel.”
Voor Hilde zag een eerste werkdag er begin jaren 80 helemaal anders uit. “Toen waren er nog geen introductiedagen of kennismakingsmomenten. Je liep gewoon mee op de dienst en leerde al doende.”
Toch herinnert ze zich haar eerste dag nog levendig. “Ik was 22 jaar en kwam terecht bij 2 oudere mannelijke collega’s. Ik zie het nog altijd voor mij.”
Vandaag vindt ze de begeleiding van nieuwe collega’s een duidelijke vooruitgang. “Dat medewerkers nu veel meer ondersteund worden bij hun start, is echt positief geëvolueerd.”
Van mandvlechten tot robottechnologie
Ook inhoudelijk veranderde de zorg enorm.
Toen Hilde begon als ergotherapeut, lag de focus vooral op neurologische revalidatie. Daarnaast werd veel creatiever en manueler gewerkt dan vandaag.
“We deden houtbewerking, mandvlechten en handmatige handfunctietrainingen. Nu werken we met technologische toepassingen en robotgestuurde toestellen.”
De digitalisering veranderde daarnaast het volledige werkritme. “Toen ik begon, gebeurde alles op papier. Jongere collega’s groeien vandaag op met technologie. Dat is een groot verschil.”
Toch ziet Hilde daarin vooral een mooie wisselwerking tussen generaties. “Jonge collega’s zijn veel sterker in technologie. Wij hebben dan weer veel ervaring opgebouwd. Die combinatie werkt goed.
Vertrouwen krijgen
Ook Tibby merkt hoe belangrijk begeleiding en vertrouwen zijn tijdens een nieuwe start.
“In het begin dacht ik even: oei, dit is veel informatie. Maar mijn leidinggevende stelde me meteen gerust dat ik tijd zou krijgen om alles te leren.”
Wat haar het meeste hielp om zich snel thuis te voelen? “De collega’s. Ik voelde meteen dat ik erbij hoorde.”
Dat menselijke aspect blijft volgens beide collega’s de kern van werken in de zorg. Voor Hilde draaide haar carrière altijd om voldoening halen uit de vooruitgang van patiënten. “Als je ziet dat iemand opnieuw stappen vooruit zet of families dankbaar zijn voor wat je doet, dan blijft dat je bij.”
42 jaar dezelfde werkgever
42 jaar bij dezelfde werkgever: vandaag is het uitzonderlijk. Toch voelde Hilde nooit de nood om volledig ergens anders opnieuw te beginnen.
“Ik kon binnen het ziekenhuis evolueren en op verschillende diensten werken. Zo bleef ik nieuwe dingen leren.”
Ook opleidingen speelden daarin een belangrijke rol. Zo volgde ze vroeger in Nederland een bijkomende opleiding rond amputatierevalidatie. “Het ziekenhuis gaf mij veel kansen om expertise op te bouwen. Daar ben ik nog altijd dankbaar voor.”
Voor Tibby zijn vooral collegialiteit en variatie belangrijk om zich ergens langdurig goed te voelen. “Een goeie band met collega’s, een fijne leidinggevende en voldoende afwisseling in het werk maken voor mij het verschil.”
Twee generaties, dezelfde passie
Hoewel hun eerste werkdag meer dan 4 decennia uit elkaar ligt, herkennen Tibby en Hilde veel van zichzelf in elkaar: de goesting om te leren, betrokkenheid bij
collega’s en het belang van menselijkheid op de werkvloer.
Of zoals Hilde haar volledige carrière samenvat in één woord: “Voldoening.”